zondag 23 juni 2013

Mysterieus 15e eeuwse "nonsens-manuscript" bevat "geen nonsens"

Mysterieus 15e eeuwse "nonsens-manuscript" bevat "geen nonsens"

zo 23/06/2013 - 15:12 Pieterjan HuyghebaertWetenschappelijk onderzoek heeft bewijs ontdekt dat het mysterieuze Voynichmanuscript wellicht inhoud heeft. Het mysterieuze geïllustreerde 15e eeuwse boek is geschreven in een tot nog toe niet-ontcijferde taal en kwatongen beweren al langer dat er enkel verzonnen betekenisloze nonsens instaat. Het nieuwe onderzoek werpt ander licht op de zaak.
meer informatie
Het Voynichmanuscript houdt cryptografen, taalkundigen en zelfs wiskundigen al eeuwen bezig. De ene denkt dat het grote geheimen uit een lang vervlogen tijd beschrijft, de andere denkt dat het een allemaal pure nonsens is. Zeker is dat tot nog toe niemand erin geslaagd is de taal die gebruikt wordt in het boek te ontcijferen.
Een nieuw onderzoek dat verschenen is het wetenschappelijke tijdschrift Plos One suggereert dat er wel degelijk betekenis zit in het eeuwenoude boek. De wetenschappers hebben namelijk taalkundige patronen ontdekt in de tekst. De vorsers benadrukken evenwel dat het niet wil zeggen dat de zinnen effectief betekenis hebben.
"De tekst is uniek. Er is geen vergelijkbaar werk te vinden en alle eerdere pogingen om het te ontcijferen, zijn gefaald", zegt onderzoeker Marcelo Montemurro aan de BBC. "We kunnen het manuscript niet afdoen als nonsens, want er zitten wel degelijk een linguïstieke patronen in verwerkt."
Montemurro en zijn collega’s hebben statistische computers gebruikt om de tekst te analyseren, een techniek die wel vaker gebruikt wordt bij de analyse van (dode) talen. De kans lijkt de onderzoekers erg klein dat de patronen er doelbewust in zijn verwerkt om de geloofwaardigheid van het werk te vergroten. "Kennis over dergelijke linguïstieke patronen was er niet in de tijd toen het geschreven werd."

Speculatie over de inhoud

Het Voynichmanuscript zou dateren uit de vroege jaren 1.400, maar is eeuwenlang van de radar verdwenen tot het in 1912 opdook in een tweedehandsboekenwinkel. Het manuscript is genoemd naar de Wilfrid Voynick, de Pools-Amerikaanse boekhandelaar die het boek vond.
De schrijver van het boek is onbekend. Van het boek is nog geen enkel woord vertaald, hierdoor is het zowat het Heilig Graal van de cryptografie geworden. Ook het team dat tijdens de Tweede Wereldoorlog de Enigma-code van de Nazi’s gekraakt heeft, wist de mysterieuze taal in het boek niet te ontcijferen.
Hoewel de illustraties weinig duidelijkheid verschaffen over de precieze inhoud van de tekst, maken ze wel zien dat het boek uit een 6-tal hoofdstukken bestaat, elk met eigen onderwerpen en een eigen stijl. De tekeningen beelden onder meer planten uit, maar ook astronomisch tekeningen en naakte vrouwen.
Pogingen om de illustraties te analyseren bleken niet echt succesvol. Van de planten zijn er bijvoorbeeld maar enkele met zekerheid geïdentificeerd. Het overgrote merendeel leek verzonnen of een samenraapsel van meerdere soorten.